De
Speeltoren en haar beroemde carillion!
van oude kerk tot stadhuis
Monnickendam ontstond in de 13e eeuw en groeide zodanig dat het plaatsje in
1355 stadsrechten kreeg. Midden in de stad stond de kerk. Het ondergedeelte
van de Speeltoren is vermoedelijk een restant van de oude 14e eeuwse kerktoren.
Maar de groei en bloei van het stadje inspireerde de trotse inwoners om
een grotere kerk te bouwen, de omgeving moest wel kunnen zien dat het hen
goed ging. De naam van de nieuwe kerk luidt nog steeds de Grote Kerk, monumentaal
gelegen aan de ingang van Monnickendam. De oude kerk werd verbouwd tot
stadhuis en de kerktoren werd stadhuistoren met een klok uit 1513.
een nieuwe stadhuistoren met carrillion
In 1572 sloot Monnickendam zich aan bij de reformatie, de katholieke kloosters
Galilea en Mariëngaarde werden onteigend en hun landerijen verkocht. Met
dat geld besloot de stadsregering een nieuwe stadhuistoren met een carillon
te bouwen. In 1596 staat de nieuwe toren er, 33 meter hoog, zeven verdiepingen
met als trots de 15 klokken die door de beroemde Mechelse klokkengieter Peeter
van den Ghein III werden gegoten.
En nog steeds zet zich elk uur het ruiterspel op de vierde verdieping in werking.
De engel, naar de Romeinse godin Faam, godin van het ‘gerucht’,
blaast op haar bazuin het aantal uren. Een ingenieuze blaasbalgconstructie
aangedreven door het uurwerk zet haar daar al eeuwen toe aan. |
 |